Hoe je je het best kunt gedragen in de Noorse bergen

(Norske fjellvett-reglene)

Deze regels voor hoe je je het best kunt gedragen in de bergen worden de kinderen in Noorwegen met de paplepel ingegeven. De regels zijn in Noorwegen vooral tijdens de paasvakantie op de tv te zien. Dan zijn er namelijk veel mensen in de bergen en het weer kan snel omslaan. Maar ook tijdens de zomer is het belangrijk om deze regels in acht te nemen. Elk jaar moet het Noorse Rode Kruis vele reddingsacties ondernemen omdat toeristen het weer en de Noorse bergen onderschatten.
Als je dus van plan bent om in de bergen te gaan lopen of langlaufen, ook als het maar korte tochten zijn, lees deze regels eens door. Ze zijn er voor je eigen veiligheid!
 
1 Loop geen lange tochten zonder training.
Voordat je een lange tocht in de bergen maakt, is het verstandig om goed getraind te zijn. Train thuis met rugzak, zelfs als het slecht weer is. Want dan krijg je juist die ervaring die noodzakelijk is in de bergen. Pas de lengte van de tocht aan je fysische en psychische vorm, je ervaring en wat je meeneemt.
2 Vertel waar je naartoe gaat.
De meeste toeristenhutten, hotels etc. hebben speciale boxen waar je een briefje met je naam en waar je naar toe gaat kunt achterlaten. Dit kan de reddingsdienst helpen waar te zoeken als dit noodzakelijk is.
3 Respecteer het weer en het weerbericht.
Een oud gezegde verteld ons dat je een slecht weerbericht altijd moet respecteren, maar nooit op een goed weerbericht moet vertrouwen. Hoe het weerbericht ook mag luiden, zorg dat je op het ergste voorbereidt bent. Realiseer je dat zelfs een stevige wind met natte sneeuw voor onderkoeling kan zorgen. Het weerbericht geeft geen gedetailleerde verwachtingen voor alle lokale plaatsen in de bergen. Kijk daarom ook naar de weerberichten voor aangrenzende gebieden en volg de veranderingen in het weer goed.
4 Ben voorbereid op slecht weer, ook tijdens korte tochten.
Als je ziet dat het weer omslaat, of als het ineens veel kouder wordt moet je gelijk warmere kleren aantrekken (Een wijde anorak, een lange windbroek, windwanten en een muts of iets dergelijks). Het is belangrijk dat je dit op tijd doet! Sta met je rug in de wind en help ook anderen om hun kleren aan te trekken. Een windrugzak kan hierbij goed helpen.
5 Luister naar mensen die bekent zijn in de omgeving en gewend zijn in de bergen te lopen.

Mensen die bekent zijn in de omgeving kunnen vaak nuttige informatie hebben over gebieden waar er gevaar is voor lawines, over wind- en sneeuwcondities en weten vaak welke route je het best kan kiezen.

6 Gebruik een kaart en kompas.
.Neem altijd een kaart en kompas mee, en leer ze gebruiken. Bekijk de kaart voor je tocht en noteer de route die je gaat lopen. Bekijk de kaart regelmatig, ook als het goed weer is, want dan weet je altijd waar je bent. Als het weer ineens omslaat en het zicht slechter wordt, kan het moeilijk zijn uit te vinden waar je precies bent. Vertrouw op je kompas. Neem de kaart mee in een speciale kaartenmap, die je vastmaakt rond je nek en je middel. Een losse kaart kan gemakkelijk door de wind uit je handen geblazen worden.
7 Ga niet alleen.
Als je alleen gaat kan niemand je direct eerste hulp verlenen of de reddingsdienst waarschuwen als er iets fout gaat.
8 Ga op tijd terug, je hoeft je niet te schamen als je terug gaat.
Als je er niet zeker van bent of je je doel kunt halen omdat het slecht weer is of er moeilijke omstandigheden zijn, draai om en ga terug! Probeer niet het slechte weer te verslaan, anderen moeten dan mogelijk hun leven riskeren om jou te redden. Als je ergens anders naar toe gaat, zend dan bericht naar het hotel of de hut waar je verwacht wordt. Als je een tocht begint als het waait en het weer onzeker is, ga dan het liefst tegen de wind in. Dan is het makkelijker om terug te gaan.
9 Spaar je krachten en graaf je op tijd in.

Een tocht is veel vermoeiender in harde wind. Pas je snelheid aan aan de zwakste in de groep en probeer niet te zweten. Als je achter elkaar in een rij loopt moet je de hele tijd kijken of de rest van de groep je bij kan houden. Eet en drink vaak, je lichaam heeft meer drinken nodig dan je denkt. Te weinig eten en drinken maakt je slap en je kunt dan snel de moed verliezen. Wacht niet met je in de sneeuw in te graven totdat je uitgeput bent, een paar uur in een sneeuwhol is geen probleem. Een windrugzak kan ook dienen als een beschutting tegen de wind voor een paar uur.